Van Dinant naar Frankrijk

Van Dinant naar Frankrijk

Vanmorgen vertrokken bij wat zeker de vriendelijkste mensen van Belgie moeten zijn. We hebben overnacht bij mensen die meedoen aan de “Chaine d’Accueil des Pelerins”. Dit zijn mensen die bijv. een paar slaapkamers beschikbaar stellen aan mensen die onderweg zijn naar Santiago de Compostela.

We komen redelijk vroeg in de middag aan bij het huis van Christine en Jacques. Of we zachtjes willen doen, want ze is babysitter en er liggen boven een paar kleine kinderen te slapen.

Aan de keukentafel praten we in gebrekkig frans, met veel handen en voetenwerk. We krijgen een kopje koffie aangeboden, met een koekje. Even later komt ook Jacques binnen die, zo begrijp ik het, net een dutje deed. Willen jullie kleren wassen ? Geen probleem, breng straks maar hier. Als jullie willen, kunnen we tot vier dagen naar voren onderdak voor jullie regelen. Zeg het maar.

Als we aangeven dat we de etappes wat aan de korte kant vinden, slaat Jacques aan het zoeken en puzzelen en weet zowaar een alternatieve, kortere wandelroute. Hij geeft op een kaart aan waar we langs moeten lopen.

Is je broek kapot ? Geef straks maar even, dan maak ik het wel.

Op kousenvoeten, om de kleintjes niet wakker te maken, lopen we even later de trap op naar onze kamers. Het niet wakker maken van de kinderen faalt jammerlijk. Uit een bedje, net naast de open deur van een slaapkamer kijken twee oogjes ons verschrikt aan en even later horen we gesnik.

Nadat we een poosje wat dingetjes voor onszelf hebben gedaan, zoals wat basis Frans leren met behulp van Google translate, staat het eten klaar. Een royaal drie gangen diner. Vooraf soep, dan gebakken aardappeltjes met boontjes en een stuk vlees. Om af te sluiten een toetje. Alles omlijst met een flesje Jupiler. Voor de gemiddelde Nederlander lijkt dit misschien een standaard maaltijd, maar na drie dagen alleen brood, is dit echt ongekend lekker.

De volgende dag zijn de kleren schoon en droog, is de broek van Evert gemaakt en staat een uitgebreid ontbijt op ons te wachten. Op moment van vertrek gaan we nog even buiten op de foto. Blijkbaar een traditie, want eerder op de dag hebben we twee dikke fotoboeken in mogen zien waarin jarenlang foto’s zijn geplaatst van alle wandelaars die bij het echtpaar overnacht hebben. Opvallend zijn het grote aantal Nederlanders.

Vriendelijk
Vriendelijk

Hierna stappen we weer het pad langs de Maas op. Dinant is slechts 7 kilometer stroomopwaarts, dus daar zijn we zo. Langzaamaan begint het bij ons door te dringen dat we Belgie zo’n beetje overgestoken zijn. Frankrijk ligt binnen handbereik !

In Dinant maken we wat foto’s van de brug die is opgesierd met kleurige saxofoons. Van een facebook vriend begreep ik dat dit is gedaan ter ere van Adolphe Sax, de uitvinder van de saxofoon, die is geboren in Dinant.

Brug Dinanr
Brug Dinant

 

We nemen nog even tijd voor een kop koffie en glippen daarna de Collegiale Notre Dame in. Een grote kerk, net over de brug, waarin een van de grootse gebrandschilderde ramen uit Europa zit. Ik vind het altijd prachtig, die grote oude gebouwen met hun oude hoge, meest gemetselde plafonds. Buiten is de drukte, de herrie en het geraas, binnen is het stil en koel.

Ramen Notre Dame
Ramen Notre Dame

Hierna lopen we verder langs de Maas. Het is een prachtig pad. Dwars door de bossen en vlak langs de oevers. Soms is het pad smal, erg smal.

Paadje langs de Maas
Paadje langs de Maas

In de Maas heb je een aantal stuwen. Om de scheepvaart doorgang te geven, is naast elke stuw een sluis gebouwd. Vanochtend hebben we een paar keer een Nederlands echtpaar gesproken, die net met hun boot, de Ijtunnel 1,  in een sluis lagen. Als zij lagen te wachten terwijl de sluis geschut werd, liepen wij weer langs. Na ons uitje verloren we ze uit het oog, tot we ze net voor de Franse grens weer zien. Ze liggen aangemeerd en we maken een praatje. Al snel worden we uitgenodigd voor een kopje koffie en voor we het weten zitten we op een boot… We vragen de man, Wim, of hij even een foto van ons wil maken, want we zijn bang dat niemand ons geloofd al we dit verhaal vertellen. De vrouw van Wim, Gineke, heeft net twee gebakjes gehaald bij de boulangerie (bakker) die ze eerlijk met ons deelt.

In de boot
In de boot

De zon schijnt, het is gezellig en eigenlijk jammer dat we verder moeten. We willen Givet bereiken, dus we moeten wel verder. Even later passeren we de grens en staan onze voeten officieel op Franse bodem ! Belgie ligt achter ons. Een land veel mannen nog wel een snor dragen en waar auto’s zelfs vaak voor je stoppen als je wilt oversteken en er is geen zebrapad.

Refugee Givet
Refugee Givet

In Givet vinden we, na enig zoeken een refugee. Een eenvoudige kamer die toch van veel gemakken is voorzien. De man die de sleutel brengt, geeft aan dat we die de volgende ochtend in de brievenbus kunnen gooien. We doen nog even boodschappen en nemen ons voor vroeg naar bed te gaan. We willen vroeg vertrekken want we hopen morgen Rocroi te halen en we willen rustig aan doen. We zullen zien.

Over Namen

Over Namen

We hebben overnacht in een spartaanse chambre d’hotes in Pietrain, wat ten oosten van Jordoigne ligt. ‘s Ochtends krijgen we bij het ontbijt iets wat de kleur van koffie heeft, maar naar iets heel anders smaakt. Toch moeten we niet zeuren, we hebben droog en warm kunnen slapen. Gisteravond hebben we gezocht naar een overnachtingsmogelijkheid tussen Eghezee en Namen, maar eigenlijk niets kunnen vinden. De weerberichten zijn wel zo slecht dat we ook nu liever niet in een tentje slapen. We gaan maar gewoon op pad en zien wel wat er gebeurd.

Nattigheid
Nattigheid

De hele ochtend door regent het zachtjes. Dat houdt rond 12 uur op, waarna het met bakken uit de lucht komt. Om de rugzakken hebben we een hoes gedaan en zelf hebben we een regenponcho aan. Desalniettemin worden onze benen en schoenen kleddernat. Het kan nu eenmaal niet altijd mooi weer zijn.

We lopen over een pad wat kaarsrecht is en helemaal waterpas. De ene keer steekt het hoog boven het landschap uit en de andere keer is het door een heuvel gegraven. Op gezette tijden staat langs de route iets wat op een stationnetje lijkt. Het lijkt er op dat waar we nu lopen, vroeger een trein of tram gereden heeft.

Spoorlijn ?
Spoorlijn ?

In Eghezee is een markt. Levende kippen, gebraden kippen, vis, fruit en van alles en nog wat wordt er verkocht. We halen er een paar bananen en appels, voor onderweg.

We lopen stevig door en al in de voormiddag naderen we Namen. We besluiten onderdak te zoeken in de stad. Anderhalf uur later staan we in het centrum van Namen en vragen ons af waar het overnachtingsadres is. We worden opgemerkt door een oudere vrouw die, gezien haar kleding, uiterlijke verzorging en odeur dakloos lijkt. Dat maakt haar niet minder vriendelijk. In rap frans ratelt ze, op onze kaart wijzend, waar we naar toe moeten lopen. We begrijpen er geen hout van en knikken beleefd, oui, oui en merci.

Namen
Namen

Ik ben er achter gekomen dat ik met mijn Choozze abonnement, via alle Belgische providers kan internetten. Proximus is een drama, maar met Base gaat het prima. Nu we internet hebben kunnen we ook de (wandel) navigatie van Google maps gebruiken. Het is nu ineens een eitje om de overnachtingsplek te vinden.

We overnachten in Auberge de Jenesse. De overnachting kostte ons inclusief ontbijt in deze nette, goed uitziende herberg 22 euro. Daar heb je dan ook nog een uitgebreid ontbijt voor. Onze kamer heeft twee stapelbedden, die we delen met een grote amerikaanse militair, die gestationeerd is in Polen.

Het valt allemaal niet mee....
Het valt allemaal niet mee….

Eerder deze week kwamen we twee ervaren wandelaars tegen die allebei al een paar keer de Camino gelopen hadden. Ze liepen allebei met een wandelstok en vertelden dat ze er veel baat bij hadden. Wij zijn daarna het bos ingedoken en hebben allebei een mooi rechte stok van ongeveer anderhalve meter afgezaagd. Sindsdien lopen we dus met een stok. Ondertussen groeit mijn baard ook stilletjes door, dus ik zal langzamerhand steeds meer op Sinterklaas gaan lijken…

In de auberge ontmoeten we voor het eerst sinds het begin van onze tocht mensen die ook onderweg zijn naar Santiago de Compostela. Twee vrouwen uit Roermond maken de tocht per fiets. Verder is er nog een complete haagse schoolklas die op de racefiets, half Europa doorfietsen.

Langs de Maas
Langs de Maas
Langs de Maas

Gisteravond hebben we besloten het vandaag maar eens rustig aan te doen. Gisteren hebben we een kleine 40 kilometer afgelegd, dus we vinden dat onze voetjes wel wat rust verdienen. De hele route loopt langs de Maas. Een mooi landschap met heuvels waarop vaak grote landhuizen zijn gebouwd. Verder is het weekend weer voorbij, wat betekent dat het weer lekker rustig is op de wandel en fietspaden. Het enige waar we een beetje op moeten letten zijn de hompen groene ganzenpoep die overal op dit dit liggen. Vroeg in de middag bellen we aan bij deelnemers van het “Chaine d’Accueil des Pelerins”, waar we hartelijk ontvangen worden door de vrouw des huizes. Er is een douche, de kleren worden weer gewassen, wat wil een mens nog meer !

Frans

Frans

Afgelopen nacht heeft het hier flink geregend. Maar goed dat we in een bed & breakfast zaten. Als we vertrekken is het weer droog. In ganzenpas marcheren we naar de stad Tienen, een kilometer of 18 verderop. Tienen is geen aantrekkelijke stad. Wat wij er van gezien hebben dan. Alles allemaal net niet. Als we rond de middag koffie bestellen in een cafeetje, hangen er wat vage figuren, bierdrinkend aan de bar. Ze kijken naar ons en in onverstaanbaar vlaams worden blijkbaar grapjes over ons gemaakt waar bulderend om wordt gelachen. Als ze even later vertrekken, wordt het zowaar bijna gezellig. Toch besluiten we Tienen na de koffie achter ons te laten en verder te lopen. Rechtstreeks naar Hoegaarden. Tenminste dat denken we… Als we bijna aan een lang recht stuk willen beginnen, stopt een jongen op de fiets naast ons. Nog hijgend van de inspanning vraagt hij: “Naar Compostela ?” Als we bevestigend knikken vervolgd hij: ” Dan lopen jullie helemaal verkeerd” Oeps. We waren er toch vrij zeker van dat we op de goede weg zaten ! “Amai, ik moet naar de voetbal, maar kom, ik zal jullie laten zien waar ge naar toe moet.” Hij fietst voor ons uit en wijst na een paar honderd meter een straat in. “Hier in, deze weg alsmaar volgen tot ge bij een fietspad komt. Daar zul je de wegwijzers ook weer vinden”.

Hoegaarden
Hoegaarden

Als we verder lopen regent het ook weer af en toe. Nadat we Hoegaarden voorbij zijn, zijn we in franstalig Belgie belandt. Dat zal veel handen en voetenwerk worden voor ons, want je kunt veel van ons zeggen, maar we spreken zo goed als geen frans. Maar ook daar zullen we ons wel weer mee redden. Het enige wat ons kan overkomen is dat we na dit jaar onze franse vocabulaire wat hebben vergroot.

Ook voor vannacht staat er weer regen op de planning. Als we de stad Jodoigne naderen, besluiten we te overnachten in een “Chambres d’hotes”, wat een kamer bij mensen thuis is. We komen terecht bij een oudere yoga lerares en haar man. Of het een probleem was dat zij vanavond weg gingen. Eh, neuh. We zitten dus met z’n tweeen in een vreemd huis. De kamer is eenvoudig, maar schoon en warm en er is een douche. In de trapopgang hangen schilderijen van blote dames. Er hangen nog wel meer schilderijtjes, maar ik weet zo niet wat daar op staat. Ook nu klettert de regen af en toe op het raam. Morgen zien we wel verder.

Belgie…

Belgie

We vertrokken uit Vessem met op ons hoofd een petje en een zonnehoedje. Die hadden we gekregen van de eigenaar van een winkel in Vessem waar je bijna alles kunt kopen. Van sterke drank, tot zwangerschapstesten en paracetamol.

Evert had gisteravond materiaalpech. Een handvat van zijn wandelkar was door een constructiefoutje gebroken. De leverancier van het karretje, Woutdoor, is meteen in de auto gestapt en naar Vessem gereden om de kar te repareren. Hij heeft het wagentje verstevigd waardoor het nu niet meer kan voorkomen. Dikke pluim, Wout !

Het stuk route door Nederland naar het Belgische Postel, wat ondermeer over de Cartierheide loopt is erg mooi. Je hebt daar plassen waar, zo lijkt het, grote aantallen van een soort meeuwtje broeden, die trouwens een oorverdovend kabaal maken.

We zijn in Belgie !
We zijn in Belgie !

We hoopten te kunnen overnachten in de Norbertijnenabdij in Postel. Helaas werd toen wij aankwamen het gastenverblijf nog volop verbouwt. We hebben nog even rondgekeken en zijn nog zachtjes het oude romaanse kerkje binnengegaan om een paar foto’s te maken.

Romaans kerkje in Norbertijner Abdij Postel
Romaans kerkje in Norbertijner Abdij Postel

Hierna moesten we dus weer verder, om onderdak of een plekje voor de tenten re zoeken. We besloten naar de dichtstbijzijnde camping te gaan, volgens de borden een familiecamping. De camping was, om het voorzichtig te zeggen, nogal volks. De stacaravans en inrichting waren een jaar of veertig geleden nog splinternieuw. Evert ging op verkenning uit en inspecteerde de douches. Toen hij terug kwam vroeg ik hem: “Je ging toch douchen ? ” “Ja, neuh. Ik sla liever een keertje over….” Gelukkig was het maar voor 1 nachtje en het plekje waar de tenten stonden was goed te doen.

Tessenderlo

Donderdag joeg de kou ons weer vroeg de tenten uit. Kwart over zes kropen we de slaapzakken uit, waarna we, na een bak hete zelfgemaakte koffie en een paar bolletjes, weer op pad gingen. De Via Monastica, zoals de route door Belgie heet die we volgen, gaat hier 20 kilometer langs het kanaal KwaadMechelen – Dessel.

Vroege boot
Vroege boot

Eerst is het pad een kilometer of drie onverhard, maar verder bestaat het kaarsrechte pad uit diepzwart asfalt, wat aan de voeten gloeide in de warme zon.Tot nu toe het zwaarste stuk van onze wandeling. Mijn vooroordelen over Belgie werden zo, n beetje bevestigd. De mensen wat norsig tegen die gasten die, terwijl ze ook hadden kunnen werken, een beetje langs de weg slenterden en de gebouwen, huizen en infrastructuur in een staat van achterstallig onderhoud.

Spannend heur
Spannend heur

Dit veranderde toen we het Albertkanaal overstaken en in Tessenderlo kwamen. Een bezwete, wat oudere schoffelende man in een geel hemd wees ons uitvoerig de weg naar het centrum. Toen we, eenmaal in het centrum aangekomen een beetje besluiteloos wegliepen bij een gesloten cafetaria, stopte een schone, op Goedele Liekens lijkende, dame van haar fiets en wees ons lachend de weg naar een broodjeszaak die al geopend was. Ze fietste weg en bij de kruising aangekomen waar we moesten afslaan, wees ze nog een keer met een zwaai opzij en riep onder het fietsen door, over haar schouder: “Daar !”

Bij de broodjeszaak aangekomen bestelden we een broodje met wat warms er op. Dat scheelt ons weer koken vanavond en ook het gewicht van die maaltijd in onze rugzakken. Evert, uitgaande van Nederlandse maatstaven, bestelde een dubbel broodje hamburger. Toen de eigenaar van De Steendries even later het brood bracht, schoten we allebei in de lach. Zo’n joekel van een brood hadden we nog nooit gezien. Evert, die hongerig binnenkwam, liet een stuk liggen voor mij. Hij kon het eenvoudigweg niet op…

In de zaak waren ook een drietal oudere dames aanwezig. “Belangstellend” als oudere vrouwen kunnen zijn, vroegen ze ons het figuurlijke hemd van het lijf. We lieten ons ontvallen dat we op zoek waren naar een slaapplek. De eigenaar ving dit op en gaf te kennen dat we maar moesten gaan eten, hij ging proberen wat te regelen voor ons. Even later kwam hij terug. Hij had geregeld dat we konden overnachten bij een hoeve van een kennis.

Na nog een kilometertje te hebben gelopen kwamen we aan bij de hoeve van de familie Pauwels. Onderweg stopt nog zomaar een auto naast ons met een jonge jongen die vraagt of we misschien een stuk mee willen rijden. We slaan het beleeft af en geven hem een compliment voor zijn vriendelijkheid.

Aangekomen bij de boerderij was de jonge boer in zijn schuur tussen de koeien aan het werk. Hij nam ons eerst even op en blijkbaar zien we er vertrouwd genoeg uit om ons welkom te heten. We mochten de tenten opslaan op een heel mooi stuk weide, tussen de paardenbloemen. Als je een hele dag gelopen hebt en je bent moe, ben je erg blij met iets simpels als een paar vierkante meter gras ! De volgende ochtend vullen we onze flesjes aan zijn kraan en mochten we het toilet gebruiken. Na gevraagd te hebben wat we hem verschuldigd waren, niets, gingen we vrijdagochtend weer vol goede moed en uitgerust op pad.

De tentjes buiten gezet, tussen de bloemen
De tentjes buiten gezet.
Belgische Betuwe

Vrijdag kwamen we na een paar kilometer lopen aan in Diest. Aan een oud vrouwtje die haar plantjes water geeft vraagt Evert of hij wat drinkwater uit de slang mag. Het blijkt dat Belgie, in tegenstelling tot Nederland,  twee kwaliteiten kraanwater heeft. Vuil water en drinkwater. De vrouw schudt haar hoofd en geeft aan dat ze met vuil water sproeit. “Maar wilt u drinkwater dan ? Even wachten hoor !” Ze sjokt naar binnen en komt terug met twee flesjes bronwater….

Na Diest lopen we door glooiende weilanden via Kortenaken naar Ransberg. De streek lijkt een beetje de Betuwe van Belgie te zijn. We komen langs ontelbaar veel boomgaarden, die volop in de bloesem staan.

Bloesem
Bloesem

Vanavond staat slecht weer met forse buien op het programma. We besluiten dus net voor Ransberg te overnachten in een bed & breakfast. Die is eerst wat boven ons budget, maar als Evert aangeeft dat we op weg zijn naar Santiago de Compostela, gaat in een mum van tijd 30 euro van de prijs af. Al zijn we in Belgie, we blijven natuurlijk wel Nederlanders. ☺

Wachtpost
Wachtpost

Vanavond ga ik eens kijken of ik iets kan doen aan de bedroevend slechte ontvangst van mijn Choozze abonnement, hier in Belgie. Het maakt gebruik van het T-Mobile netwerk, maar de ontvangst is zo slecht dat ik maar met veel moeite een markering kan plaatsen op de kaart onder de “Waar zijn we” knop. Momenteel heb ik gelukkig internet via de wifi van het b&b.

Oversteken

Oversteken.

Evert en ik hebben afgesproken niet meer te benoemen dat we bij Mac Donalds zijn geweest. Mensen zouden het vermoeden kunnen krijgen dat we alleen maar hamburgers eten.

Affijn, toen we Zaterdag laat uit Bennekom vertrokken en een paar uurtjes later bij een willekeurig restaurant een Big Mac bestelden, zag de manager dat we lopend waren gekomen. Nadat we uitgelegd hadden wat we deden en waar we naar op weg waren, bracht hij ons spontaan vier flesjes drinken. Van het huis.

Onderweg drinken we water, veel water..
Onderweg drinken we water, veel water..

Zaterdag zijn we voornamelijk bezig met oversteken. Eerst steken we de Rijn over, daarna de A15 en de Betuwelijn om af te sluiten met de Waal. Nadat we boodschappen hadden in Ochten, liepen we de dijk op, richting de waalbrug bij Rhenen. Onderweg komt een klein autootje ons tegemoet, rijdt ons voorbij, stopt, draait en komt net voor ons tot stilstand. Een vrouw stapt uit de auto en loopt naar ons toe. “Zijn jullie aan het oefenen voor de Camino ?” Meteen vervolgd ze: “Ik herken jullie van jullie website, onze dochter gaat binnenkort ook lopen en volgt dezelfde route als jullie” Voor we het goed en wel doorhadden stonden we op de dijk met twee volslagen vreemde, maar aardige mensen te praten.

Vanaf de dijk
Vanaf de dijk

We hadden ons tot doel gezet de Waalbrug te halen. De dijk er naartoe was erg lang en die ellendige brug leek maar niet dichterbij te komen. Nadat we op het eind van de middag de brug over gestoken waren, bleek het bosje, wat op de kaart veelbelovend had geleken, een forse tegenvaller. Brandnetels en veel nattigheid. Ten einde raad besloten we bij het huisje aan de andere kant van de dijk ons geluk te beproeven. We liepen naar het huisje toe en werden ontvangen door een hond, een toom kippen en een grote kalkoen, die klokkend wegrende. Nadat we door een paadje tussen hoge stapels autobanden waren gelopen, zagen we een paar mensen aan een tafeltje op het gras zitten. We riepen de man en legden hem uit wie we waren. Hij reageerde meteen enthousiast. Kom verder, wil je wat drinken ? Natuurlijk mogen jullie hier je tentje opzetten ! Samen met hem, zijn vrouw,een Litouwse schone met een jongen die haar vriend lijkt, drinken we in de zon een glaasje fris. Ergens achterin een oude boomgaard, onder de hoogstambomen zetten we de tentjes op. Vandaag veel vriendelijke mensen ontmoet in een heel mooie omgeving.

Waalbrug
Waalbrug

De volgende ochtend stonden we op met het ijs aan de binnenkant van onze tent. Het had gevroren. We spoedden ons vanaf Wamel, over de dijk naar Lith, waar een pontje ons over de Maas bracht. Na Lith komt de polder van Lith. De polder van Lith is een grote vlakte met lange, rechte wegen zonder beschutting, met veel gigantisch grote boerderijen. Nadat we verschillende kilometers in de zon hadden gelopen wel erg toe waren aan wat rust, doemde een boerenerf op waar men een bankje op het erf hadden gezet met de uitnodiging ervoor om toch vooral te gaan zitten.

Rust bij de boer
Rust bij de boer

We zaten net even, toen de boer aan kwam lopen. Een jonge, geschikte kerel, trots op zijn bedrijf. Hij vertelde ronduit over zijn boerderij en het werk dat hij deed. Hij hoefde niet zozeer 900 koeien of 700 zeugen, maar was tevreden met de inkomsten die hij had van zijn toch niet geringe boerderij. Nadat hij onze flessen gevuld had met fris water, liepen we weer verder.Op een app-je op de tablet zagen we dat ter hoogte van Den Bosch een camping gelegen was. Hier hebben we de nacht doorgebracht.

Stap, stap
Stap, stap

Gisteren liepen we via st. Michielsgestel, via Boxtel naar Oirschot. Het was weer erg warm en onze koppen zijn ondertussen danig verbrandt. Net boven Oirschot ligt een kleine camping. Voor een tientje konden we er met twee personen overnachten. Evert stelde voor om in de supermarkt in Boxtel geen pilsje te kopen, want dat doen we op de camping wel, aan de bar. Dan moet de bar wel open zijn natuurlijk ! Het leek even op een avond met alleen water uit te draaien, tot ik na het douchen terugkwam bij de tent. Er zat een voor mij onbekende mijnheer te praten met Evert. Het bleek Chris te zijn. Een bouwvakker uit Wolvega die voor werkzaamheden in de buurt was en op de camping wilde overnachten. Chris was een echte vrijbuiter die mooi kon vertellen. Samen met zijn vrouw fietst hij een paar maanden per jaar door alle uithoeken van de wereld. Van Peru en Bolivia tot Vietnam. De volgende trip gaat naar Cuba. Daarnaast geeft hij les in kanovaren en organiseert hij uitjes. Nadat we een poosje gepraat hadden vroeg Chris of hij nog iet voor ons uit de supermarkt kon halen. Ja, natuurlijk ! Een paar koude blikken bier. Nadat hij het gehaald had hebben we nog een hele tijd met z,n drieeen gezeten. Op onze vraag wat hij voor de blikjes wilde hebben antwoordde hij, ben je gek, die krijg je van mij. Toen wij de volgende ochtend wakker werden was Chris alweer verdwenen met tent en al. Als kleine dankjewel van onze kant dan hier een link naar de website van Chris: www.kanoweekendjeweg.nl

 

Bijenkasten
Bijenkasten

Op dezelfde camping zat in een caravan achter ons een echtpaar. De man nog steeds in zijn nopjes door het kampioenschap van PSV. We kwamen met ze aan de praat over koetjes, kalfjes, wie we zijn en wat we doen. Opeens vraagt mevrouw aan ons waar we op zitten, als we bij onze tentjes zijn. “Nou, gewoon. Het slaapmatje zit opgerold in een soort tas en daar zitten we op.” Dat kon echt niet. “Zien jullie daar die twee stoelen ? Neem maar mee en breng morgen maar terug. Zo gezegd zo gedaan. Toen we even later prinsheerlijk op de stoelen bij de tent zaten, kwam mijnheer langs om te vragen of we zin hadden in aardappels met groente en een stukje vlees. En of we daar zin in hadden ! We hadden alleen nog een paar geplette bolletjes met bezwete kaas bij ons en na een week van alles behalve aardappelen te hebben gegeten, klonk dit aanbod ons als muziek in de oren. Toen even later de borden werden gebracht waren deze zo afgeladen, dat wij ze met geen mogelijkheid leeg konden krijgen. Blijkt dat mevrouw speciaal voor ons, twee vreemden, aardappels heeft geschild, vlees heeft gebraden en groentes heeft gekookt. Ik werd er helemaal blij van en stond perplex van zoveel gastvrijheid en goedheid. Wat een super aardige mensen !!

Vorstelijke maaltijd
Vorstelijke maaltijd

Vandaag hebben we de laatste kilometers gelopen tussen Oirschot en Vessem. Hier starten we morgen op de Via Monastica. We slapen in de pelgrimshoeve Kafarnaum, waar we bijzonder hartelijk werden ontvangen door Arie en Adrie. De pelgrimshoeve is een onderkomen met kleine eenvoudige kamers, maar na weer een paar frisse nachten achter ons, voelt het alsof we in een vier sterren hotel zijn beland. De kleren zijn weer gewassen, we hebben lekker gegeten. Morgen weer vol goede moed op pad !

Kafarnaum
Pelgrimsboerderij Kafarnaum

 

Teken

Teken

Afgelopen donderdag stond wat mij betreft in teken van teken. Voor teken teken zijn, zijn teken nymphen, leerde ik van een website. Nymphen zijn heel kleine beestjes. Zo groot als een sesamzaadje, maar dan donker en met pootjes. De grootste kans op Lyme besmetting krijg je van deze beestjes, als je ze niet binnen 36 tot 48 uur hebt verwijderd. Ik val schijnbaar in de smaak bij dit ongedierte, want ik heb er verschillende van m, n kleding en huid moeten peuteren, terwijl mijn broer nergens last van had. Uiteindelijk hadden zich er nog drie aan mij vastgezogen, die met een pincet verwijderd moesten worden. Even de plekken de komende dagen een beetje in de gaten houden….

Harskamp
Harskamp

We moesten donderdag langs het oefenterrein bij Harskamp om in Otterlo te geraken. Een oersaai, recht stuk naast een provinciale weg. Het stuk was recht en oersaai… maar dat had ik al gezegd. Na Otterlo doken we de bossen weer in en werd het snel beter. De bossen in deze streek zijn erg open en de grond in bijna overal compleet omgewoeld door wilde varkens. We moesten dus even zoeken voor we een mooi rustig plekje uit het zicht hadden gevonden.

We vermoeden dat dit kunst is.
We vermoeden dat dit kunst is.

Vrijdagochtend was het flink fris. Na een kop hete oploskoffie gooiden we de rugzakken weer om en liepen in straf tempo naar Bennekom. Evert had daar een paar dagen eerder een overnachting bij een bed & breakfast geregeld. Een drukke, zenuwachtige eigenaresse liet ons in sneltreinvaart zien waar we konen slapen. Ze moest weer snel terug naar haar winkel.

Ons maakte het niet zoveel uit. Lekker, na vier dagen in twee sets kleding te hebben gezweet en gesjouwd hadden we een fijne warme douche. Onze kleren worden door de dame gewassen en zijn morgenvroeg, hopelijk voor het ontbijt, weer droog.

Jakobsschelp
Jakobsschelp

Tot nu toe valt de tocht ons eigenlijk best mee. De mensen onderweg zijn vriendelijk. Als we vragen of we onze flessen met water mogen vullen reageert iedereen positief. Omdat we een jakobsschelp op de rugzak hebben hangen, worden we herkend als zijnde, wandelaars op weg naar Santiago de Compostela. Al twee keer leverde dat een spontaan gesprekje op met iemand die eerder had gelopen of gefietst en in Apeldoorn wenste een mijnheer ons in het voorbijfietsen een “buen Camino”. Spier en blaar technisch gezien gaat alles naar verwachting. Beetje blaren en beetje spierpijn. Niet noemenswaardig.

Straks in een zacht bed slapen, nu nog even kijken waar we morgen, het liefst wat later op de route een supermarkt kunnen vinden.

Tot Ugchelen…

Tot Ugchelen

Eergisteren zijn we gestrand ter hoogte van Wapenveld. Toen we diep ingedoken in onze slaapzakken de nacht in gingen, kwamen we er achter dat de nachten in April toch nog best koud zijn ! Ik ben verschillende wakker geworden door de kou. Dat gaat ons geen tweede keer gebeuren, namen we ons voor !

De volgende ochtend bleek het pompje van ons kooktoestel kapot te zijn, waardoor we maar met moeite een warm bakkie koffie konden produceren. Om acht uur werd de rugzak weer omgegord en gingen we op pad. Door het defecte pompje konden we ‘s avonds niet koken. Om toch fatsoenlijk te kunnen eten,  hebben we in Epe maar een simpele warme maaltijd naar binnen geharkt.

We stopten net onder de rook van Vaassen en regelden nog even een brandstofpompje bij Bever in Apeldoorn.

 

Vaassen
Vaassen

Vandaag was ons doel om Apeldoorn achter ons te laten. We vertrokken weer om acht uur. Rond 10 uur liepen we toevallig bij een vestiging langs van het bedrijf met de grote gele M. Blijkbaar staat hier de koffiepot altijd te pruttelen, want we konden hier ons bakkie troost halen en kregen er nog een gratis krantje bij ook. Wat wil een mens nog meer…

We haalden ons pompje op bij Bever, deden nog wat boodschappen bij Appie en zetten de tent rond ongeveer half vier op, ergens achter Ugchelen, miden in de bush. Volgens tekenradar is er een grote tekenactiviteit, dus we gaan goed letten op de friemelbeestjes vanavond.

(Ik hoop dat de foto’s een beetje scherp lijken. Op de camera zijn ze goed, als ik ze verklein zijn ze scherp, als ik de foto upload lijken ze vaag te worden. Ik kan dat alleen niet echt duidelijk zien op de tablet)

De eerste dag

De eerste dag

We vertrokken uit Hasselt, uitgezwaaid door familie en vrienden. De 1e acht kilometer gingen over het dijkje, langs het Zwarte Water. Het was de bedoeling dat we in Zwolle, bij het Engelse Werk een bakkie zouden doen. Toen we daar om half twaalf aankwamen, bleek de uitspanning gesloten. Door het raam zagen we een schoonmaakster ijverig de vloer boenen.

We hebben daarom maar in het naastgelegen park, op een bankje onze bammetjes gegeten. Toen die achter de kiezen waren vertrokken we en namen het fietspad over de nieuwe knalrode spoorbrug richting Hattem.

Spoorbrug bij Hattem
Spoorbrug bij Hattem

 

Nadat we hier eerst bij de supermarkt boodschappen hadden gedaan, dronken we op een terrasje, voor een toren die gerestaureerd werd, onze felbegeerde koffie. Af en toe schalde uit de toren luidkeels het gezang van de bouwvakkers over het plein. We rekenden de koffie af, vulden onze waterflessen aan de kraan en liepen Hattem uit, de bossen in, waar we na een kilometer of wat, midden in het bos onze tenten opzetten.